Categorieën
Terug naar overzicht

Voorjaargras: bijbehorende gevaren en tips

maandag, 26 maart 2018

Staat jouw paard momenteel op stal of in de paddock en mag hij binnenkort het weiland op? Dan mag je deze voorjaarstips niet missen. De overgang van stal naar weide kan namelijk enkele gevaren met zich meebrengen. Met name het voorjaarsgras kan voor problemen zorgen. Denk hierbij aan hoefbevangenheid, diarree, wormen en insulineresistentie. HorseFitShop geeft een aantal tips om het verhoogde risico zoveel mogelijk te beperken.

Gevaar van voorjaarsgras

Voorjaarsgras heeft veel koolhydraten nodig om te groeien. Daarom heeft het gras in het najaar al veel sucrose en fructaan opgeslagen. In het voorjaar gebruikt het gras deze koolhydraten om een kickstart te maken met de groei. Een gevolg van deze groei is dat de eiwitwaarde stijgt (proteïne). Het voorjaarsgras is daarom rijk aan proteïne, fructaan en suiker en heeft een laag gehalte aan structurele vezels. Deze samenstelling kan ervoor zorgen dat een paard hoefbevangen raakt. Daarnaast is uit onderzoek naar voren gekomen dat paarden die gevoelig zijn voor hoefbevangenheid, een groter aantal van bepaalde bacteriën in hun darmstelsel hebben. Een rantsoen met teveel sucrose en fructaan, zoals voorjaarsgras, zorgt voor een groei van deze bacteriën. De groei van ongewenste bacteriën leidt tot een stijging van gifstoffen en melkzuur. Deze gifstoffen komen in de bloedbaan terecht en zullen ophopen tussen de lamellen (verbinding tussen hoefbeen en hoefwand). Tevens wordt het immuunsysteem (door de groei van bacteriën) aangetast waardoor makkelijker ontstekingen ontstaan. Dit leidt uiteindelijk tot hoefbevangenheid.

Paarden die in de winterperiode weinig tot geen weidegang krijgen, hebben in het voorjaar meer kans op diarree. In de winter krijgt je paard de beschikking over ruwvoer, zoals hooi en kuil. In het voorjaar en de zomer mag je paard de weide op en verandert het rantsoen naar minder ruwvoer en meer gras. Wanneer deze overgang te plotseling gebeurt, kan de darmflora verstoord raken. Een verstoorde darmflora kan leiden tot diarree. Meestal gaat deze diarree vanzelf over, wanneer het paard bijvoorbeeld aan het rantsoen met het gras is gewend. Wanneer de diarree niet over gaat, is het verstandig om de dierenarts te raadplegen. Diarree veroorzaakt veel vochtverlies en het paard kan de voedingstoffen niet goed opnemen, dit leidt tot een verslechterde conditie.

Wanneer je paard eindelijk weer op de weide kan, krijgt hij in een korte tijd meer suikers binnen door het eten van het gras. Voor paarden met insulineresistentie kan dit erg gevaarlijk zijn. Een gezond paard maakt insuline aan wanneer er suiker binnenkomt via het voedsel. Insuline zorgt ervoor dat de bloedsuikerspiegel gelijk blijft en niet stijgt. Paarden met een insulineresistentie maken te veel insuline aan waardoor de cellen in het lichaam ongevoelig worden hiervoor. Dit leidt ertoe dat het paard de bloedsuikerwaarde niet meer omlaag kan brengen.

De kans op wormbesmettingis bij paarden veel groter als ze op de weide lopen. Een aantal wormen leeft namelijk tussen het gras en daarnaast kan besmetting worden overgedragen via de mest van het paard.

Tips voor een goede overgang naar het weiland

Om de kans dat jouw paard last krijgt van de voorgaande problemen te verminderen, zijn er een aantal punten waar je rekening mee kunt houden.

Om de kans op hoefbevangenheid of insulineresistentie te verminderen is het van belang om de inname van het voorjaarsgras te beperken. Dit kan je o.a. doen door het weiland zo klein mogelijk te houden, strookbegrazing is hier een ideale oplossing voor. Maak desnoods gebruik van een graasmasker om de inname te beperken. Zorg er daarnaast voor dat je paard niet meteen te lang op het gras staat en een grote hoeveelheid in één keer binnen krijgt. Begin bijvoorbeeld met een half uurtje en bouw de tijd elke dag met een uur op.

Om de darmflora rustig te houden, kun je ervoor kiezen om hooi of stro aan je paard te geven voordat ze de weide opgaat. De vertering zal hierdoor beter gaan en daarnaast kan je paard rustig wennen aan de inname van gras. Een product met pre- en probiotica kan bijdragen aan een betere balans en gezonde bacteriegroei in het spijsverteringsstelsel.

Zorg ervoor dat je paard, zeker de sobere rassen, niet teveel suiker binnenkrijgt in deze periode. Je kunt ervoor kiezen om het rantsoen af te stemmen op deze zomerperiode. Dit kan je doen door in de zomer zetmeelarm krachtvoer te geven. Daarnaast is het belangrijk dat je rekening houdt met het suikergehalte in het gras. De piek van suiker is in de middaguren het hoogst en in de avonduren het laagst. Als er een koude nacht is geweest, welke gevolgd wordt door een zonnige morgen, dan zal het suikergehalte deze ochtend ook hoger zijn. Veel paarden grazen tegenwoordig op oude koeienweides, deze weides hebben een hoog suikergehalte. Een hoog suikergehalte is goed voor de melkproductie van koeien, maar voor paarden is dit liever niet gewenst. Paarden zijn gewend om grove grassen en kruiden te eten, er bestaan speciale grasmengsels voor paarden waar minder suiker in zit.
Tip: Je kunt een app downloaden waarmee je het actuele fructaangehalte in het gras kunt zien. (Fructaan Index)

Om te voorkomen dat jouw paard last krijgt van wormen is het raadzaam om een mestonderzoek uit te voeren voordat je paard de weide opgaat. Daarnaast is het goed om de mest minimaal 2x in de week van het land te halen om verspreiding van wormen te voorkomen.

Om je de beste gebruikerservaring te kunnen bieden, gebruiken wij cookies. Bekijk ons cookiebeleid.